210
beide werken na elkaar door te lezen en zich door die lectuur ongetwijfeld laten
bekeeren. Men zal echter ook zonder dat gaarne toegeven, dat het vermoeden, als
zou Post onder invloed van Hirschfeld gewerkt hebben, gerust in eene zekerheid
mag overgaan. Waarmede dan eene nieuwe verbindende vezel tusschen onze
achttiende-eeuwsche letterkunde en de Duitsche aan het licht is gebracht.
Bonn.
A.G. VAN HAMEL.
[Kleine mededeelingen]
56. Een Engelsch lied ‘Van den hazelaar’.
Op de merkwaardige, ongetwijfeld middeleeuwsche, samenspraak tusschen een
jong meisje en een hazelaar heb ik indertijd de aandacht gevestigd in Het Lied
in de Middeleeuwen blz.350-2.(Vgl. ook Van Duyse'sHet oude Nederl.
Lied I, 725). Als bijdrage tot onze geringe kennis der letterkundige betrekkingen
tusschen Engeland en deze landen gedurende de middeleeuwen deel ik mede, dat
Ritson's bundel Ancient Songs and ballads (II, 44) A mery ballet of
the hathorne tre bevat, die veel overeenkomst toont met het Nederlandsch
lied, al is er in de onderdeelen vrij wat verschil. Dat het Nederlandsch van een
‘hazelaar’, het Engelsch van een ‘hathorne tre’ spreekt, heeft beteekenis vooral voor
de kennis van het middeleeuwsch volksgeloof.
G. KALFF.
Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Jaargang 34
Komentáře k této Příručce